|
|
Interview dat ik in april 2006 had met Marianne en Theo Hoogstraaten |
|
Wat heeft u doen besluiten om na 20 jeugdboeken een boek voor volwassenen te schrijven? We waren toe aan een nieuwe uitdaging met minder beperkingen in onderwerp, stijl, woordkeus, complexiteit van de plot en structuur dan in jeugdboeken. We wilden ook proberen de lezers van onze jeugdboeken mee te nemen naar onze boeken voor volwassenen. Uit de reacties die we krijgen maken we op dat dat is gelukt. ‘Een middag aan zee’ wordt bovendien door veel havo-vwo scholen op de boekenlijst van de bovenbouw-leerlingen gezet.
Behoort hiermee het schrijven van jeugdboeken tot het verleden of blijft u jeugd en volwassen naast elkaar schrijven? Voorlopig blijven we dit naast elkaar doen. Op dit moment zijn we bezig met de afronding van ‘Kruisgang’, onze tweede literaire thriller. Intussen zijn we begonnen met de voorbereiding van een derde deel in de Fiofen-reeks voor jongeren.
Waar haalt u de inspiratie vandaan voor uw boeken? Overal vandaan. Het kan een artikel in de krant of een blad zijn, een item in het journaal, in Netwerk of in Nova. Door goed om je heen kijken en je oor te luister leggen vang je wel eens wat op, in een trein bijvoorbeeld. We reizen veel en ook dat is een bron van inspiratie. Het kan zelfs een schoolreis naar Florence zijn, zoals blijkt in ‘Kruisgang’.
Hoe is de keuze van het thema (vermissing) voor het boek ‘Een middag aan zee’ tot stand gekomen? Uit een krantenartikel dat ging over de vermissing van een meisje uit een speeltuin. Ze was meegenomen door een vrouw die erg in de war was, maar verder geen kwade bedoelingen had. Daaruit is ook het jeugdboek ‘IJzige poppen’ ontstaan.
In het boek heeft u ervoor gekozen om de rechercheur die belast was met het onderzoek, niet de (volledige) waarheid te laten vertellen aan Magda. Vanwaar die keuze? Wij vinden dat je in boeken voor volwassen niet alles moet dichttimmeren en ruimte moet laten voor eigen interpretatie van de lezer. Dit zet aan tot discussie. Uit de mailtjes die we krijgen, blijkt dat de beslissing van rechercheur Gal de gemoederen bezig houdt. En niet alleen daarom spookt ‘Een middag aan zee’ nog dagen rond in de hoofden van onze lezers.
Uw nieuwe boek ‘Kruisgang’ wordt in juni uitgebracht. Kunt u, zonder de inhoud prijs te geven, iets over de sfeer vertellen? Een korte inhoud kunt u vinden op onze website. Het is een verhaal waarin gebeurtenissen uit een verleden dat afgesloten leek, opeens het leven van de betrokkenen weer gaat beheersen, op gruwelijke wijze zelfs. Onder de oppervlakte van het verhaal vindt de lezer allerlei subtiele en suggestieve verwijzingen naar actuele maatschappelijke en religieuze items.
Als duo schrijvers wordt u wel vergeleken met Nicci French. Wat vindt u van die vergelijking? Aanvankelijk vermeden we die omdat we bang waren dat we langs een soort Nicci French maatlat zouden worden gelegd. Bovendien willen we een eigen, herkenbare stijl ontwikkelen die in het kort kan worden omschreven als compact, dus geen niet-functionele uitweidingen, suggestief en veel ruimte voor interpretaties van de lezer. In de praktijk ontkomen we echter niet aan die vergelijking. Tot ons genoegen blijkt uit recensies en mailtjes die we krijgen dat die niet negatief uitpakt.
Om samen aan een boek te werken lijkt me niet eenvoudig. Heeft u een bepaalde taakverdeling? We gaan uit van elkaars sterkste punten. De verhaallijn/plot wordt grotendeels van tevoren besproken. Daarna schrijft ieder van ons wat het beste bij hem/haar past. Invulling van typisch vrouwelijke dingen doet Marianne. We hebben dagelijks overleg over wat we die dag gaan schrijven. Als we eenmaal met een boek bezig zijn praten we er voortdurend over, bij de koffie/thee, bij het eten, tijdens een boswandeling met de hond. Theo werkt boven, Marianne beneden. Regelmatig gaat wat ieder van ons heeft geschreven dus op en neer voor een reactie en eventueel een aanvulling. Je moet er wel tegen kunnen dat de ander kritiek levert. Deze manier van werken is zeer inspirerend en haalt, hopen we, het beste uit ons naar boven.
In het kader van het 750 jarig bestaan van Alkmaar heeft u samen met Simone v.d. Vlugt het jeugdboek ‘Victorie’ geschreven. Hoe heeft u het ervaren om samen met haar te schrijven? Het was een prettige samenwerking waarbij we elkaar niet spaarden. Het maakt je als schrijver kwetsbaar om je werk door een andere schrijver te laten lezen vóór publicatie.
Zit het ook in de planning om ooit met haar samen een boek voor volwassenen te schrijven? Daar hebben we het nooit over gehad. Op dit moment ziet het er niet naar uit.
Theo, u heeft de opleiding voor het vakdiploma illustrator gevolgd. Toch illustreert u uw boeken niet zelf. Uitgeverijen werken meestal met vaste illustratoren. Ik vind zelf dat anderen het beter kunnen dan ik, misschien ook omdat ik niet genoeg afstand kan nemen van mijn eigen verhalen.
Welk door u geschreven boek staat bij u op nummer één en waarom? (Marianne) Bij de jeugdboeken is dat ‘De Satansketting’. De research die we daarvoor hebben gedaan in Normandië hebben we als bijzonder ervaren. We hebben ‘Het Tapijt van Bayeux’ in alle rust mogen bekijken, op een moment dat er geen ander publiek was. Zo’n ervaring blijft je bij en heeft ook een positieve neerslag op het verhaal gehad. Bij de boeken voor volwassenen is dat uiteraard ‘Een middag aan zee’, omdat dit ons debuut is dat bovendien voor het eerst onder beider naam uitkomt. (Theo) Het zelfde antwoord als van Marianne
Wat is voor u de meest ideale sfeer of ruimte om in te schrijven? (Marianne) Ik ben erg tevreden met mijn zonnige werkkamer beneden met uitzicht op een plantsoen. Meestal ligt onze hond bij me te slapen. Ik werk direct op de computer, waarop ik ook de handgeschreven stukken van Theo uitwerk. Ik heb liever niet dat hij dat zelf doet omdat ik dan alles weer kan overdoen. Ik wil het manuscript namelijk zo perfect mogelijk inleveren bij de uitgever. (Theo) Ik werk in een kamer boven met uitzicht op de tuin en een aangrenzend weiland met paarden. Erg rustgevend dus. Ik ben namelijk snel afgeleid. Daarom heb ik altijd een koptelefoon op met muziek, zodat ik volledig van de buitenwereld ben afgesloten. Ik schrijf met vulpen op een schrijfblok omdat ook de computer me te veel afleidt: een foutmelding… een verkeerde toets aanslaan… Bovendien maak ik te veel typefouten omdat mijn concentratie elders ligt.
Wat is het mooiste/beste boek dat u ooit hebt gelezen? (Marianne) ‘De ontdekking van de hemel’ van Harry Mulisch. (Theo) Moeilijk te beantwoorden omdat ‘het beste’ zo absoluut is. Op dit moment is ‘Kapitein Corelli’s mandoline’ van Louis de Bernières nog mijn favoriet.
Welk boek ligt er op het ogenblik op uw nachtkastje? (Marianne) ‘De schaduw van de wind’ van Carlos Ruiz Zafón. (Theo) ‘Imprimatur’ van Monaldi & Sorti.
vvv
|
|