Interview dat ik in februari 2006 had met Marelle Boersma

Je debuutroman Nephila’s netwerk is in april 2005 verschenen. Hoe ben je op het idee gekomen om dit boek te schrijven? 

Het begon met de wens een boek te schrijven, een thriller. Dan denk je na welke items je daarin wil combineren. Dat was niet moeilijk. Ik word o.a. gefascineerd door de wetenschap (mijn dagelijks werk) en de onvoorspelbare grilligheid van de natuur. Toen ik ging nadenken over wat bij mij spanning opwekt, kwam ik bij mijn irreële angst voor spinnen uit. Ik wilde die zaken graag combineren in een boek. Zelf werk ik al jaren op een laboratorium en moet me bij het schrijven van wetenschappelijke artikelen houden aan de waarheid. Nu mocht ik zelf dingen verzinnen, leugens opschrijven, mensen creëren, bizarre experimenten opzetten. Zo heerlijk tegengesteld aan mijn dagelijks werk. Natuurlijk gebruik ik mijn kennis in mijn boeken, ik weet waarover ik schrijf en weet ook de bronnen aan te boren om aan gedegen informatie te komen.

Ook wilde ik een maatschappelijk thema aansnijden. In Nephila’s netwerk is dat de discussie over genetische manipulatie. Ik probeer niet alleen de gevaren daarvan te belichten, maar zeker ook de onvoorstelbare mogelijkheden voor bijvoorbeeld de medische wetenschap te benadrukken.

 

Je hebt een favoriete bezigheid (sportduiken) gemeen met Irene, de hoofdpersoon in je boek. Herken je jezelf in haar?

Het sportduiken heb ik gebruikt, omdat de natuur onderwater zo schitterend is, maar soms ook bizar en onvoorspelbaar. Er zijn verder meerdere karaktereigenschappen van Irene die ik met haar gemeen heb. Ik houd van onderzoeken en ben dan ook nieuwsgierig van aard. Ook de liefde voor de natuur is iets wat we gemeen hebben. Haar rode haar is van mijn moeder. Maar vanzelfsprekend zijn er ook zaken die totaal niet in mij zitten, bijvoorbeeld haar bindingsangst.

 

Waarom heb je gekozen voor het misdaadgenre?

Ik houd zelf van thrillers. Het is mijn favoriete genre. Bovendien kan ik daar allerlei zaken in kwijt waarover ik wil schrijven.

Toch vind ik niet dat ik over misdaad schrijf. Er wordt in mijn boeken niet in het eerste hoofdstuk een moord gepleegd die in het verdere boek opgelost moet worden. Ik probeer juist te schrijven over gewone mensen die ergens ongewild in verzeild raken en dan meegesleurd worden in de gebeurtenissen. Waarna ze zichzelf moeten zien te redden met hun gezonde verstand. Ik hoop dat de lezers het gevoel krijgen: dat zou mij ook kunnen overkomen.

 

Hoeveel tijd zat er tussen het moment dat je de eerste woorden op papier zette en het moment dat Nephila’s netwerk in de winkel lag?

Ik ben begonnen in de zomer van 2000, in april 2003 heb ik mijn manuscript naar verschillende uitgevers gestuurd en in april 2005 lag het in de winkel. Ertussenin heeft het een jaar lang op de plank gelegen. Ik moest nadenken. Personages waren te lief en die moest ik in mijn hoofd nare eigenschappen geven, daar was tijd voor nodig.

Stil water, mijn tweede boek heb ik in een klein jaar geschreven en verschijnt in maart van dit jaar.

 

Kan je beschrijven hoe het voelde toen je voor het eerst het ‘eindproduct’ in handen kreeg?

Dat is moeilijk. Ik denk dat het woord ‘trots’ er het dichtst bij komt, maar zelfs dat geeft het niet helemaal weer. Gefascineerd, verwonderd, gelukkig, maar ook kwetsbaar. Iedereen kon opeens gaan schieten op mijn gedachten en ideeën.

 

Inmiddels is je 2e boek, Stil Water, klaar en wordt op 10 maart gepresenteerd. Ook hierin speelt water een belangrijke rol. Wat kunnen we hierna nog van je verwachten?Water speelt zeker een belangrijke rol, maar ook weer de grillige onvoorspelbaarheid van de natuur en ook de liefde in haar verschillende gedaantes. Ook hier is een maatschappijkritische noot te ontdekken: in ‘Stil water’ bekritiseer ik de hoge bonussen die topmanagers krijgen bovenop hun toch al riante salaris, terwijl de gewone werknemers geen salarisverhoging kunnen krijgen. Ik vind dat een ontoelaatbaar iets en helaas is dat nog steeds actueel. Ik wil dat graag op een manier die voor mij is weggelegd aan de kaak stellen. Ik heb ondertussen de eerste hoofdstukken geschreven van een volgend boek. Ik denk dat juist het ongewild verzeild raken van de hoofdpersoon in onvoorspelbare gebeurtenissen een gegeven zal blijven in mijn boeken. Dat blijft mij fascineren. Dat is beangstigend.

Bovendien denk ik dat ik in dit derde boek wel eens een vast personage zou kunnen hebben gecreëerd, hoewel dat nu nog moeilijk is om te bezien. Tot nu toe heb ik elke keer nieuwe personages beschreven. Nu ik voor mezelf meer een lijn van schrijven heb ontdekt, werd het tijd voor iemand die daarin een rol blijft spelen.

 

Bepaal je zelf hoe de cover van je boeken eruit komt te zien?

Ik heb gelukkig een uitgever die naar mijn ideeën luistert en daarvoor open staat. Maar hij heeft het laatste woord.

 

Is het voor Nederlandse auteurs moeilijker om naamsbekendheid te krijgen dan voor hun buitenlandse collega’s? En zoja, waar komt dit dan door?

Ik heb gemerkt dat het erg moeilijk is. Buitenlandse auteurs die hier uitkomen zijn natuurlijk al door een grove selectie gegaan. Alleen de besten worden uitgezocht om in Nederland uitgebracht te worden.
Maar het is niet alleen moeilijk om naamsbekendheid te verwerven in vergelijking met buitenlandse auteurs, maar ook in vergelijking met auteurs die bij een grote uitgeverij aangesloten zijn. Bij de grote uitgeverijen zit het kapitaal, vaak verdiend op de grote namen. Daardoor kan er veel reclame gemaakt worden, ook voor debutanten. Boekhandels bestellen de boeken van de bekende schrijvers en nemen ‘en passant’ wat boeken mee van de onbekendere schrijvers. Probeer daar maar eens tussen te komen.
 

Zijn er ook plannen om je boeken in andere landen uit te geven? Ik denk daarbij bijvoorbeeld aan Frankrijk vanwege de locatie waar je eerste boek zich afspeelt?

Ik zou willen dat het waar was. Het lijkt me fantastisch als je dat te horen krijgt. Maar ik denk dat ik dan eerst meer naamsbekendheid op moet bouwen. Maar ik zeg nooit ‘nooit’.

 

Wat is voor jou de meest ideale sfeer of ruimte om in te schrijven? 

Eigenlijk kan ik overal wel schrijven. Meestal schrijf ik gewoon thuis, achter mijn bureau in de woonkamer, met een rustig muziekje op de achtergrond. Maar ik schrijf net zo gemakkelijk bij mijn partner thuis voor het raam van zijn woonboot, en zelfs op vakantie in de voortent gaat het goed. Een deel van ‘Stil water’ heb ik in Luxemburg geschreven, tijdens het kamperen. Ik duik gewoon weg in mijn eigen bedachte wereld. Een nadeel is dat de tijd dan meestal veel sneller gaat dan normaal. Maar dat is vaak zo als je zit te genieten.

 

Wie is/zijn jouw favoriete schrijver(s)?

Ik heb altijd erg genoten van Ludlum, Clive Cussler, Robin Cook. Maar ik heb de twee laatste jaren nieuwe schrijvers ontdekt. Daaronder zitten o.a. Jacob Vis, PJ Tracy en Elvin Post.

 

Welk boek ligt er op het ogenblik op jouw nachtkastje?

‘Vals Beeld’ van Elvin Post, met daaronder het enorm dikke boek van Schätzing ‘De Zwerm’.

 

Wat is het mooiste/beste boek dat je ooit hebt gelezen?

Het boek Manipulatie van Robin Cook heeft erg veel indruk op me gemaakt. Dat was denk ik ook het zetje dat ik nodig had om zelf te beginnen met het schrijven van een boek. In dat boek werden de onderwerpen aangesneden die ik interessant vind, de genetische manipulatie, (medische) wetenschap, dieren(leed), en het maatschappijkritische opgeheven vingertje was ook duidelijk zichtbaar. 

Niet alle boeken van hem zijn goed, maar deze sprong er bovenuit.

 

Welke schrijver zou je zelf graag eens interviewen?

Ik heb op zich niet echt de wens iemand te interviewen. Maar ik zou graag eens van gedachten wisselen met Elvin Post. Hoe hij het ervaren heeft om met zijn debuut de Gouden Strop te winnen en of dat feit zijn werk als recensent veranderd heeft, nu zijn boeken door anderen gerecenseerd worden.

 

vvv

 

5

 

naar startpagina